Hallo, deze site is gebouwd door Kris Merckx. Heb je zelf digitale hulp of ondersteuning nodig als particulier, bedrijf, VZW, school of vereniging? Bel me op 0497 94 40 81
Naast de bedevaart en de paardenprocessie op paasmaandag, kent Hakendover nog een tweede feestdag. Dat is de “kermis” van Hakendoverwijn in januari. Die naam heeft niets met “wijn” te maken, maar is een verkorting van “wijding”. In de week van Hakendoverwijn gaat ook de Dertienmaalbedevaart door.
Dertienmaal en Hakendoverwijn
Rond de bedevaart van het Dertienmaal hangt een vlaag van mysterie. Pelgrims leggen dertien (of soms een lager aantal) keren de tocht af tussen de kerk van Hakendover en Grimde. Daardoor zoeken sommigen verklaringen in “mysterieuze” verbanden met OLV-ten-Steen, zoals verhalen dat de drie maagden onder de kapel begraven zouden liggen, of zelfs vergezochte ideeën over een “megalietencultus” omdat de kapel “ten Steen” heet.
De historische werkelijkheid is genuanceerder. De naam “Onze-Lieve-Vrouw-ten-Steen” kreeg de kapel pas in de 17e eeuw. Voordien heette ze de Sint-Mauruskapel. In de 15e eeuw was dit al een bedevaartplaats én leprozerie. De herwijding aan OLV-ten-Steen paste bovendien in een bredere contrareformatorische bedevaartdynamiek, waarbij men (ook “marketinggewijs”) wilde aansluiten bij het succes van Scherpenheuvel.
Belangrijk: tot aan de Franse Revolutie ging het Dertienmaal niet tot aan OLV-ten-Steen, maar tot aan het klooster van de Wittevrouwen te Grimde. Pas sinds de vroege 19e eeuw werd de tocht ingekort tot aan OLV-ten-Steen.
Over het ontstaan van het Dertienmaal bestaat veel onzekerheid. Zelfs in de 17e en 18e eeuw schreven Hakendoverse pastoors dat de naam mogelijk verwees naar de legende van de kerkbouw, waarbij God zelf als dertiende werkman aanwezig zou zijn geweest, maar ze haalden ook andere mogelijke verklaringen aan.
De bedevaart start traditioneel op 17 januari
Of beter gezegd, in de nacht van 16 op 17 januari. Tegenwoordig start hij vaak al de dag voordien (op 16 januari), omdat starten op middernacht voor velen niet meer gewenst is.
Waarom 17 januari?
- In de middeleeuwse legende werd gezegd dat op de “dertiende dag na Driekoningen” een engel de drie maagden die de kerk wilden bouwen naar een plaats leidde waar nu de kerk staat. Driekoningen valt op 6 januari. 6 + 13 = 19 januari. Velen zien daar een verband, maar strikt genomen klopt dat niet met 17 januari.
- Het is de feestdag van Sint-Antonius, wiens beeld ook in het middeleeuwse Driemaagdenretabel in de kerk van Hakendover voorkomt, al is dat op zich geen sluitende verklaring.
- Het Dertienmaal gaat door in de week vóór de zondag van Hakendoverwijn, het feest van de kerkwijding (“wijding”). In de middeleeuwen had elk dorp doorgaans twee feestdagen: één op de dag van de patroonheilige en één op de dag van de kerkwijding. In Hakendover wordt de kerkwijding traditioneel gevierd op de zondag na 17 januari. Mogelijk hangt dat samen met een (veronderstelde) wijdingsdatum rond 17 januari.
Waarom “13”?
Volgens de legende zou de kerk van Hakendover zijn gebouwd door 13 metsers. Eén daarvan was, zo zegt het verhaal, “God” zelf: de dertiende werkman. Ter ere van hem doet men dus 13 toeren.
Tegelijk kan “13” ook symbolisch gelezen worden: de 12 apostelen en Christus. In die zin past het in middeleeuwse symboliek.
Waarom naar Grimde?
Er wordt vaak gezocht naar een rechtstreeks, “oeroud” verband met OLV-ten-Steen, maar historisch liep de bedevaart oorspronkelijk anders. Tot 1798 ging het Dertienmaal naar het klooster van de Wittevrouwen te Grimde, niet naar OLV-ten-Steen.
De Christus van de Wittevrouwen en de inkorting van de tocht
Een verhaal uit de 15e eeuw verbindt het oorspronkelijke traject met gebeurtenissen na de verwoesting van de streek rond Tienen. In 1489 werd Tienen ingenomen door Albert van Saksen in opdracht van Maximiliaan van Oostenrijk, en de omgeving werd zwaar getroffen. Hakendover en Wulmersum werden geplunderd en verwoest. Volgens de legende kochten de kanunniken van de Sint-Germanuskerk te Tienen een kruisbeeld om aan Hakendover te schenken. Ze droegen het beeld in processie richting Hakendover, met een rustaltaar aan het Wittevrouwenklooster te Grimde.
Daar zou een mirakel zijn gebeurd: de dragers konden het kruisbeeld niet meer optillen. Men besloot dat het beeld op die plek vereerd wilde worden. Het beeld werd aan de buitenmuur opgehangen en kreeg de naam “Christus van de Wittevrouwen”. Er kwam een kleine kapel rond, met onder meer een smeedijzeren kandelaar, en dag en nacht brandden er geofferde kaarsen. Pelgrims knielden er om hulp af te smeken. De Dertienmaalbedevaart trok tot 1798 tot aan die plek.
In 1798 werd het klooster van de Wittevrouwen afgeschaft. Het kruisbeeld kwam vervolgens terecht bij de familie De Wyth in Aandoren en in 1802 in de Sint-Germanuskerk. De tocht van Hakendover naar de Sint-Germanuskerk bleek echter te lang. Daarom werd het Dertienmaal sinds de vroege 19e eeuw ingekort tot aan de kapel van Onze-Lieve-Vrouw-ten-Steen te Grimde.
Sint-Maurus- en Onze-Lieve-Vrouw-ten-Steenkapel
Dertienmaalgangers, zo noemt men de bedevaarders die het Dertienmaal afleggen, stappen 13 keer de weg van de kerk van Hakendover naar Grimde en terug. Vandaag is dat de kapel van Onze-Lieve-Vrouw-ten-Steen, maar historisch liep de tocht (tot 1798) naar het Wittevrouwenklooster te Grimde.
De kapel is zelf ook een bedevaartsoord. Het beeld van Sint-Maurus speelt hierin een belangrijke rol. Bedevaarders roepen Sint-Maurus aan tegen de hoofdpijn. Ze zetten een ijzeren kroon op het hoofd en bidden vijf Onzevaders, vijf Weesgegroetenen vijf Eer aan de Vaders. De ijzeren kronen liggen aan de voet van het altaar met het Sint-Maurusbeeld. Als je koppige kinderen in huis hebt, dan zou het eveneens helpen. In een mandje onderaan het altaar (bij de kronen) laat men dan een voorwerp van het kind achter.